Prehistorische rotskunst in landschappelijke context
De spectaculaire prehistorische tekeningen en schilderingen op rotswanden, zowel in de open lucht als in donkere grotten, trekken steeds weer de aandacht van onderzoekers en media. Door kunst veranderde de mens zijn natuurlijke omgeving in een antropogeen gemarkeerd landschap. Zo kenmerkte hij de voor hem belangrijke plaatsen in het landschap. Overige prehistorische vondsten van alledaagse of rituele aard dragen bij aan het inzicht in de betekenis van de rotskunst. Terwijl het onderzoek naar rotstekeningen in de open lucht al over uitgebreide gegevens en beproefde methodes beschikt, betreedt de toepassing daarvan aan de omstandigheden in de grotten nieuw terrein.
Sinds jaar en dag is het Neanderthal Museum actief op het gebied van onderzoek naar rotskunst; niet in de laatste plaats door het beheer van het omvangrijkste fotoarchief over de grotkunst uit de ijstijd: het Wendel-archief.
Het onderzoek naar de grotkunst concentreert zich momenteel op de glaciale kunst in het Zuid-Westen van Frankrijk (Volp en Perte de la Tuilerie) en de rotskunst in de Sahara (Djara – Egypte en Ennedi - Tsjaad).
Grotten van Volp
De grotten van Volp worden wereldwijd tot de bekendste vindplaatsen gerekend (Tuc d’Audoubert, Les Trois-Frères en Enlène). Voortreffelijke rotskunst, unieke lemen beelden en meerdere voetstappen getuigen van de uitstekende omstandigheden op deze plaats, die voor hun instandhouding hebben gezorgd. Een internationale werkgroep werkt aan een complete wetenschappelijke publicatie over de grot Tuc d’Audoubert.
Perte de la Tuilerie
In hetzelfde dal van de Volp werden in 1995 in de kleine grot Perte de la Tuilerie graveringen ontdekt. In een langgerekte nauwe galerij zien we tekeningen van een paard, een wisent en een onbekend dier. Vooral de stijl waarin de wisent is getekend is van bijzonder belang: Met bovenproportioneel bovenlichaam en kop vertoont deze overeenkomsten met de rotstekeningen van Pech-Merle en Niaux.
Djara
Het Egyptische kalksteenplateau in de woestijn van Lybië wordt momenteel onderzocht door het Heinrich-Barth-Instituut en de afdeling Afrika van het Instituut voor prehistorie en vroege geschiedenis aan de universiteit Keulen. De grot Djara 90/1, 1873 gevonden in een neolithische nederzetting, bevat gestileerde graveringen en afgebeelde figuren. Doordat deze grot geheel tegen weersinvloeden beschermd is gebleven, kunnen de uitstekend geconserveerde figuren in Djara 90/1 tot in het detail worden bestudeerd. De aanwezigheid van schetsen en het gemis aan overlappingen duiden in ieder geval op een zorgvuldige werkwijze en respect voor eerdere figuren. Naast het onderzoek naar details staat de analyse van de relatie tussen grot en rotskunst centraal.
Sinds 2003 worden door medewerkers van het Heinrich-Barth-Instituut en de universiteit van Keulen archeologische onderzoeken in het Noord-Oosten van Tsjaad uitgevoerd. Als gevolg hiervan werden in de afgelopen jaren 132 nieuwe vindplaatsen van rotstekeningen en 262 nederzettingen ontdekt.

















