In het kamp


Kawiuk: In ons kamp eten we niet alleen het vlees van de dieren, maar we gebruiken alles. Zelfs de botten dienen als materiaal voor werktuigen. En van de pezen kun je prima veters maken. Van de huiden naaien mama en tante Sesi warme winterkleren voor ons. Als het koud wordt, trek ik weer mijn jas van berenhuid aan met het haar van sneeuwhaas aan de binnenkant.


Die is superzacht en houdt de koude wind goed tegen, want mama naait de naden stevig dicht. Zonder onze warme kleren zouden we in de winter vast bevriezen. Want jullie kunnen je niet voorstellen, hoe koud het hier wordt! We blijven dan ook langer op een plaats, luieren bij het warme kampvuur en vertellen elkaar verhalen. Zie je, hoe gezellig het in onze tent is? We slapen er allemaal bij elkaar.